Schoolvakanties vallen vanaf volgend jaar niet langer samen in Brussel

Waar bleef de VGC in dit debat?


Vlaams minister van Onderwijs Ben Weyts bevestigde vandaag in de media wat al langer in de lucht hing: volgend schooljaar wordt het eerste schooljaar waarin de vakantieperiodes van elkaar zullen afwijken in beide Gemeenschappen, een situatie die op korte termijn niet zal veranderen. “Dit probleem zat er al langer aan te komen”, reageert Brussels parlementslid Bianca Debaets (CD&V). “Ik diende reeds in november vorig jaar een resolutie bij de Raad van de Vlaamse Gemeenschapscommissie om dit probleem aan te pakken, maar de Brusselse meerderheid koos ervoor hun kop in het zand te steken. De Brusselse gezinnen en hun ketjes zijn vandaag de dupe.”


Over de pedagogische kant van de wijziging bestaat er al langer consensus: het inkorten van de zomervakantie verhelpt gedeeltelijk wat door de experten omschreven wordt als de ‘summer learning loss’. Een kortere zomervakantie zou tot minder leer- en taalachterstand leiden. Maar naast het pedagogisch aspect is er uiteraard ook de enorme maatschappelijke impact.


“Heel wat Brusselse gezinnen zitten met de handen in het haar”, stelt Debaets. “Een leerkrachtenkoppel waarvan de ene in het Nederlandstalig onderwijs werkt en de ander in het Franstalig, broers of zussen die verspreid zitten over beide netten, kinderen die naar een sportclub, kunstacademie of jeugdbeweging gaan in een andere taal… Zij komen allemaal voor enorme organisatorische uitdagingen te staan. De vragen omtrent studie, schoolkeuze, opvang, vrijetijdsbesteding of over hoe men überhaupt nog als gezin samen vakantie zal kunnen nemen, zijn vandaag talrijker dan de antwoorden.”


Onwaarschijnlijk kansspel

Ook andere aspecten van het dagelijkse leven dreigen danig in de war gestuurd te worden volgens Debaets. “Wat met het openbaar vervoer? Welke vakantieregeling zullen zij volgen in Brussel? Realistisch gezien wordt dat die van de Franse Gemeenschap. Wat met hun werknemers en hun kinderen? Het is vandaag een onwaarschijnlijk kansspel dat zal uitmaken of zij onder de juiste regeling zullen vallen. Behalve dan voor ouders die kinderen hebben die in beide Gemeenschappen school lopen, die zijn nu al de grote verliezers van deze hele situatie.”


“De hefbomen binnen Brussel zijn vandaag klein, maar de bereidwilligheid om op te komen voor de belangen van de Brusselse Ketjes en de Brusselse gezinnen is blijkbaar nog kleiner”, betreurt Debaets. “We hebben eerder reeds de kans gemist om met één stem te spreken en ik roep de VGC-Collegeleden alsnog op hun plicht te doen. Anders hebben we vandaag het officiële startschot gezien van een aantal jaar Belgisch surrealisme van het slechtste soort in Brussel.”